De wet is daarmee van toepassing op alle vormen van detailhandel met uitzondering van de verkoop via automaten. Voor zover de automaten niet in een winkel zijn geplaatst is deze vorm van verkoop geheel vrijgelaten.
De hoofdpunten uit de wet zijn als volgt:
De winkel mag niet geopend zijn:
- op zondag
- op werkdagen voor 06.00 uur en na 22.00 uur
- op Nieuwjaarsdag,
- op Goede Vrijdag na 19.00 uur
- op tweede Paasdag,
- op Hemelvaartsdag,
- op tweede Pinksterdag,
- op 24 december na 19.00 uur,
- op eerste en tweede Kerstdag en op 4 mei na 19.00 uur
Aan het aantal openingsuren per winkel is geen maximum verbonden
Op zon- en feestdagen is winkelopenstelling niet toegestaan, echter:
Voor maximaal 12 zon- en feestdagen per kalenderjaar kan de gemeente vrijstelling van deze verplichte sluiting verlenen. Bij twijfel over de regels in uw buurt is het slim om contact op te nemen met uw gemeente. Tot feestdagen worden (door iedere gemeente) gerekend: Nieuwjaarsdag, tweede Paasdag, Hemelvaartsdag, tweede Pinksterdag en eerste en tweede Kerstdag. Een absoluut verbod geldt voor eerste Paasdag, eerste Pinksterdag en eerste Kerstdag.
Koninginnedag en 5 mei zijn geen feestdagen in de zin van de Winkeltijdenwet. Let wel op: deze dagen zijn wel feestdagen (5 mei alleen in lustrumjaren) in de zin van art. 11 CAO! Indien u uw medewerkers laat werken op deze dagen geldt een toeslag van 100%.
Het verbod op de zondagsopenstelling is niet van toepassing op winkeliers die een geloofsovertuiging aanhangen en die de wekelijkse rustdag op een andere dag dan de zondag houden. Deze winkeliers dienen dan wel op hun eigen religieuze rustdag hun winkel gesloten te houden. Voorwaarde is dat de winkelier dit meldt bij de gemeente.
Er geldt voor een aantal, in het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet genoemde, vormen van detailhandel landelijk vastgestelde vrijstellingen. Deze vrijstellingen kunnen gelden voor de gehele week of voor de zon- en feestdagen.
Landelijke vrijstellingen voor de gehele week gelden o.a. voor de detailhandel in instellingen voor de volksgezondheid (zoals ziekenhuizen), verkeer en vervoer (bijv. stations) en de verkoop van nieuwsbladen en tijdschriften (bijv. in kiosken).
In de wet hebben gemeenten een aantal bevoegdheden gekregen, zoals het afgeven van een avondwinkelvergunning en de bevoegdheid om maximaal 12 zon- en feestdagen als koopzondag aan te wijzen. In gemeenten waar veel toeristen komen, kan de gemeente zelfs vrijstelling verlenen voor alle zon- en feestdagen.
Het is belangrijk dat bij de bepaling van het aantal zondagen door de gemeente de stem van de ondernemer wordt gehoord. De ondernemer heeft hierbij een belangrijke eigen verantwoordelijkheid. Een pro actieve rol in de discussie over dit onderwerp kan door de ondernemer gespeeld worden. Wanneer een gemeenteraad de bevoegdheid heeft gedelegeerd aan burgemeester en wethouders wordt het voeren van een discussie natuurlijk al een stuk ingewikkelder.
IVIX

