Main Navigation



Arbeidsomstandigheden

De arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) legt vast wat er in een bedrijf minimaal moet gebeuren op het gebied van veiligheid, gezondheid en welzijn. In de wet staan onder andere de verplichtingen van de werkgever en de werknemer, de taken en bevoegdheden van de Arbeidsinspectie en de eisen voor een arbodienst.
Werkgevers zijn verplicht om te zorgen dat hun medewerkers veilig, gezond en prettig kunnen werken en dat zij zich in noodgevallen in veiligheid kunnen stellen. Werknemers zijn verplicht in verband met de arbeid de nodige voorzichtigheid en zorgvuldigheid in acht te nemen ter voorkoming van gevaren voor de veiligheid of de gezondheid van henzelf of van anderen.
  1. Algemene verplichtingen van de werkgever
  2. Jeugdigen en snijmachines
  3. Kassawerkplek
  4. Bedrijfshulpverlening
  5. Risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E)
  6. Ziekteverzuimbegeleiding
  7. Preventiemedewerker
  8. Arbeidsinspectie
  9. Rookvrij werken
  10. Aansluiting bij een gecertificeerde arbodienst
  11. Vakcentrum ZorgPortaal


Algemene verplichtingen van de werkgever

De algemene verplichtingen van de werkgever worden uitgebreid geregeld in de artikelen 3 t/m 11 van de Arbowet.
  • Arbobeleid (art. 3)
  • Aspecten van arbobeleid (art. 4)
  • Inventarisatie en evaluatie van risico's (art. 5)
  • Voorkoming en beperking van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen zijn betrokken (art. 6) 
  • Informatie aan publiek (art. 7)
  • Voorlichting en onderricht (art. 8)
  • Melding arbeidsongevallen en beroepsziekten (art. 9)
  • Voorkoming van gevaar voor derden (art. 10)
  • Algemene verplichtingen van de werknemer (art. 11).
Naast bovenstaande algemene verplichtingen van de werkgever, vloeien nog verplichtingen voor de werkgever voort uit het hoofdstuk Samenwerking, overleg en bijzondere rechten van de ondernemingsraad, de personeelsvertegenwoordiging en de belanghebbende werknemers (o.a. deskundige bijstand en bedrijfshulpverlening) en het hoofdstuk Bijzondere verplichtingen (o.a. bevorderen welzijn, Periodiek (vrijwillig) arbeidsgezondheidskundig onderdoek (Pago).
Tot slot geeft de wet bepalingen met betrekking tot sancties op het niet-nakomen van de bovengenoemde verplichtingen. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in strafrechtelijke sancties en bestuursrechtelijke sancties. Strafrechtelijk optreden vindt alleen plaats bij zeer ernstige overtredingen van de wet. Daarnaast worden gevallen van recidive als strafbare feiten aangemerkt. In geval van een strafbaar feit zal als regel direct een proces-verbaal worden opgemaakt.
Nieuw in de wet is de introductie van de bestuurlijke boete. De Arbeidsinspectie heeft de mogelijkheid om een administratieve boete op te leggen.

Jeugdigen en snijmachines

De vrijstelling van het verbod van werken van jeugdigen aan vleessnijmachines maakt al vanaf 1 juli 1997 onderdeel uit van het Arbeidsomstandighedenbesluit. Concreet betekent dit dat ondernemers geen dure investeringen in extra beveiligde vleessnijmachines hoeven te doen om jeugdige werknemers vanaf 16 jaar aan deze machines te laten werken. Voorwaarde is wel dat de jeugdige werknemers kennis hebben genomen van het betreffende instructiemateriaal (o.a. dvd) en dat ze onder begeleiding werken van een volwassene. Met het laatste wordt beoogd de risico's voor de betrokken jeugdige werknemers zo veel mogelijk te beperken. De dvd met certificaat voor de medewerkers is bij het Vakcentrum te bestellen en kost voor Vakcentrumleden € 6,00 incl. btw.

Kassawerkplek

Een ander belangrijk aandachtspunt blijft de kassawerkplek en de ergonomische aspecten daarvan. Sinds 1 januari 1996 moeten alle kassawerkplekken c.q. kassameubels aan een aantal eisen voldoen. Zo moeten onder meer de stoel en de voetensteun instelbaar zijn, de vloer thermisch geïsoleerd zijn, mogen er zich geen losliggende kabels of snoeren in het kassameubel bevinden en dient het meubel voldoende bewegingsvrijheid te garanderen. Deze eisen zijn tot in detail met precieze technische gegevens omschreven. Ten aanzien van de inhoud van de functie, moet er naar worden gestreefd dat het kassawerk niet meer dan 2/3 van de totale werktijd van de werknemer inneemt. In de overige tijd zullen algemene werkzaamheden (zoals prijzen, verkopen enz.) uitgevoerd kunnen worden.

Bedrijfshulpverlening

Bij de uitvoering van zijn verplichting om doeltreffende maatregelen te nemen in direct gevaarlijke situaties, dient de werkgever zich te laten bijstaan door een of meer werknemers die door hem zijn aangewezen als bedrijfshulpverleners. In beginsel dient er één bedrijfshulpverlener aanwezig te zijn op de vijftig aanwezigen in een bedrijf. Het niet voldoen aan deze verplichting levert een beboetbaar feit op. Wanneer een aangewezen medewerker een goede opleiding tot bedrijfshulpverlener heeft gevolgd, is de Arbeidsinspectie doorgaans van mening dat aan deze wettelijke verplichting voldaan is. De bedrijfshulpverlener wordt geacht om de twee jaar op herhalingscursus te gaan om zijn kennis te behouden. 

Wanneer er op een locatie niet meer dan vijftien werknemers werken, hoeft de werkgever geen bedrijfshulpverlener onder zijn personeel aan te wijzen, maar mag hij de taken zelf uitoefenen. Voorwaarde is wel dat hij beschikt over 'voldoende deskundigheid, ervaring en uitrusting om deze zaken naar behoren te vervullen' (met andere woorden: ook hij moet dan een opleiding volgen) en zorg draagt voor een goede vervangingsregeling.
De arbowet staat toe dat bedrijven in elkaars nabijheid, zoals winkeliers in een winkelcentrum, een gezamenlijke BHV-dienst hebben.

Risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E)

Alle bedrijven moeten een risico-inventarisatie & -evaluatie (RI&E) maken. Zij moeten zich hierbij laten bijstaan door een gecertificeerde arbodienst. Bij de RI&E wordt onderzocht of het werk gevaar kan opleveren of schade kan veroorzaken aan de gezondheid van de werknemers.
De RI&E bevat tevens een beschrijving van de gevaren, de risicobeperkende maatregelen en de risico’s voor bijzondere categorieën van werknemers. De RI&E moet schriftelijk worden vastgelegd.
Een plan van aanpak maakt deel uit van de inventarisatie en evaluatie: daarin moet zijn aangegeven welke maatregelen zullen worden genomen in verband met de bedoelde risico’s. In het plan van aanpak moet de werkgever tevens aangeven binnen welke termijn zijn bedrijf concrete maatregelen gaat nemen tegen de geïnventariseerde risico's en wat deze maatregelen opleveren.
De werkgever rapporteert jaarlijks aan de werknemers (of, als die er is, de personeelsvertegenwoordiging) over de uitvoering van het plan van aanpak.

Als de arbeidsomstandigheden in uw bedrijf veranderen, moet u ook de RI&E aanpassen. Denk hierbij aan de inrichting van een nieuwe productielijn, uitbreiding van uw dienstenpakket, een ingrijpende verbouwing of nieuwe taken voor uw medewerkers. De RI&E moet altijd actueel zijn.

Ziekteverzuimbegeleiding

Bedrijven kunnen de organisatie van de arbodienstverlening op hun eigen wijze invullen, indien zij daarover overeenstemming hebben in de CAO, of met een ondernemingsraad (OR) of Personeelsvertegenwoordiging (PVT). Dit heet de 'maatwerkregeling'. Is die overeenstemming er niet, dan vallen bedrijven terug op de zogenaamde 'vangnetregeling', wat inhoudt dat moet worden aangesloten bij een gecertificeerde arbodienst. Binnen de CAO voor de levensmiddelenbranche zijn geen afspraken hierover opgenomen.
Bedrijven die overeenstemming hebben in de CAO, of met de OR of PVT, kunnen de arbodienstverlening onder de volgende voorwaarden zelf inrichten: 
  • keuringen (voor aanstelling en PAGO) dienen te worden uitgevoerd door een bedrijfsarts; 
  • voor de verzuimbegeleiding dient een bedrijfsarts en (i.v.m. de reintegratie) arbeidskundige expertise beschikbaar te zijn;
  • werknemers moeten een arbeidsomstandighedenspreekuur kunnen bezoeken bij een bedrijfsarts of een andere arbodeskundige; 
  • de rest van de benodigde deskundigheid is afhankelijk van de aard en omvang van risico's, zoals blijkt uit de RI&E.

Preventiemedewerker

Ieder bedrijf is verplicht een preventiemedewerker te hebben die verstand heeft van veiligheid, gezondheid en welzijn bij de dagelijkse werkzaamheden in het eigen bedrijf.
Voor bedrijven met maximaal 25 medewerkers mag de werkgever zelf de taak van preventiemedewerker op zich nemen. Het is (op dit moment) niet noodzakelijk dat een cursus tot preventiemedewerker wordt gevolgd. De werkgever kan met belanghebbende werknemers spreken over de functie en dat vastleggen in bijvoorbeeld de notulen van dat overleg. De passage in de notulen over de functie kan bijvoorbeeld worden meegenomen bij de reguliere periodieke wijziging van de RI&E.

Arbeidsinspectie

De Arbeidsinspectie controleert de naleving van de Arbowet in de vorm van landelijke inspectieprojecten per bedrijfstak en na meldingen van ernstige arbeidsongevallen of klachten over de arbeidsomstandigheden. Wanneer u consequent de arbeidsrisico’s inventariseert en evalueert en op basis daarvan de nodige maatregelen treft, zullen de contacten met de Arbeidsinspectie doorgaans zonder problemen verlopen.
De Arbeidsinspectie richt zich vooral op het aanpakken van misstanden. Daarbij kan het gaan om situaties waarin de basisvoorwaarden voor goede arbeidsomstandigheden ontbreken of waarbij grote risico’s worden gelopen. Maar het kan ook gaan om situaties waarin door het niet naleven van de wet sprake is van oneerlijke concurrentie.
Op relatief lichte overtredingen wordt anders gereageerd dan op ernstige overtredingen. Afhankelijk van de zwaarte van de overtreding kiest de Arbeidsinspectie ervoor om een waarschuwing te geven, een eis te stellen, een boete of een proces-verbaal aan te zeggen, het werk stil te leggen of een combinatie hiervan te hanteren.

Rookvrij werken

De wet- en regelgeving omtrent de rookvrije werkplek is sinds 1 januari 2004 van kracht. Het is één van de instrumenten om tabaksgebruik terug te dringen en werknemers te beschermen tegen gezondheidsschade door meeroken. Iedere werknemer heeft volgens de Tabakswet recht op een rookvrije werkplek. Dit betekent in de praktijk dat er in bedrijven niet meer gerookt mag worden in ruimten waar werknemers hun werkzaamheden uitvoeren.

Op 1 juli 2004 is de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) gestart met een intensieve controle in het kader van de rookvrije werkplek. Steekproefsgewijs worden duizenden bedrijven uit alle branches gecontroleerd. Er wordt gecontroleerd of de werkplekken en openbare ruimtes zoals kantines en vergaderzalen rookvrij zijn. Indien een rookruimte is ingericht dient deze te voldoen aan de wettelijke eisen. Bedrijven die het rookverbod overtreden, riskeren een hoge geldboete. Deze beginnen bij € 300 en kunnen oplopen tot € 2.400.

Veel bedrijven hebben een waarschuwing gekregen of zijn beboet. De controles zijn met name gericht op klachten van werknemers die aangaven hinder te ondervinden van de tabaksrook van collega's. De meeste klachten kwamen uit de sectoren industrie, detailhandel, transport en opslag en hadden met name betrekking op de werkplek en de kantine.

Aansluiting bij een gecertificeerde arbodienst

Voor veel ondernemers bestaat - ondanks de wijzigingen per 1 juli 2005 - de verplichting om een arbodienst in te schakelen bij een aantal zaken, zoals:
  • de verzuimbegeleiding van zieke werknemers;
  • de risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E);
  • vrijwillig periodiek arbeidsgezondheidskundig onderzoek van werknemer; (Pago)
  • arbeidsomstandighedenspreekuur;
  • aanstellingskeuring, indien de werkgever deze laat verrichten.

De verplichte aansluiting geldt voor ieder bedrijf met personeel in dienst.

Wat is een gecertificeerde arbodienst?
Arbodiensten maken geen deel uit van de overheid. Zij leveren deskundigheid en diensten op het brede terrein van arbeidsomstandigheden. Voor die diensten moet betaald worden. Er zijn gecertificeerde ofwel erkende arbodiensten en niet-erkende. Zoals hierboven vermeld, moeten werkgevers in het kader van de Arbowet advies inwinnen bij een gecertificeerde arbodienst. Er zijn meer dan honderd verschillende gecertificeerde arbodiensten in Nederland. Door met een gecertificeerde arbodienst in zee te gaan, zijn werkgevers (en werknemers) ervan verzekerd dat deze arbodienst garant staat voor een zekere mate van kwaliteit. Om het certificaat te krijgen, moeten de arbodiensten namelijk aan bepaalde eisen voldoen. Eisen op het gebied van deskundigheid, organisatie en kwaliteit van dienstverlening. Een onafhankelijk certificerende instelling beoordeelt of aan al die vereisten wordt voldaan. Ook een interne arbodienst, waarover grote bedrijven vaak beschikken, moeten een certificaat hebben.

Vakcentrum ZorgPortaal

Vakcentrum ZorgPortaal is hét loket voor arbodienstverlening, loondoorbetaling, arbeidsongeschiktheids- en zorgverzekeringen. Een nieuw loket, ontwikkeld voor én door ondernemers, voor gedegen informatie over en kwalitatief goede oplossingen voor arbodienstverlening, ziektekostenverzekeringen, de Wet WIA en loondoorbetaling. Bij Vakcentrum ZorgPortaal staan kwaliteit, prijs en gemak centraal. Zo bieden wij u een netwerk van kwalitatief goede leveranciers, scherpe tarieven en administratief gemak. Via één overzichtelijk loket. Voor meer informatie over Vakcentrum ZorgPortaal kunt u het Vakcentrum bellen (0348) 41 97 71.