Blij,

dat ben ik en daar heb ik alle reden voor. Als de voltallige vergadering van het Europees Parlement (EP) besluit dat de positie van de franchisenemer op alle fronten ondersteund moeten worden, dan is dat, na jaren lobby, een reden om blij te zijn. De meerwaarde van franchising is groot, zegt het EP, maar er moeten maatregelen genomen worden om het vertrouwen van zowel de mkb-franchisenemer als van de aspirant-ondernemers te vergroten.

Het EP heeft dan ook een groot aantal actiepunten benoemd. In deze editie van Vakcentrumnieuws staan deze uitgebreid genoemd. Eén daarvan is gericht op handhaving van gemaakte afspraken. Het EP constateert dat er een degelijk mechanisme moet zijn omdat er anders te weinig gebeurt. Ik onderschrijf dit van harte! Daarom ben ik overtuigd voorstander van de wettelijke verankering van de Nederlandse Franchise Code (NFC). De franchisegevers doen (uitzonderingen daargelaten) nog steeds te weinig met de NFC daartoe aangemoedigd door hun belangenbehartiger, de Nederlandse Franchise Vereniging. Die schrijft: “Gezien de fase waarin we nu zitten lijkt het voorbarig om alvast de franchiseovereenkomst aan te laten passen aan de NFC. Het is immers onduidelijk hoe de wet eruit komt te zien en als dat wel duidelijk is en het wetgevingstraject volledig is doorlopen, is er nog voldoende tijd om dan te zaken aan te passen” De NFC 2016 kan nota bene al sinds februari 2016 toegepast kan worden en de wet verandert niets aan de NFC! Je zou er bijna verdrietig van worden. Maar door de uitspraak van Dennis de Jong, initiatiefnemer van het Europese rapport, dat het nu de verantwoordelijkheid is van de lidstaten om nationale wetgeving in te voeren, gecombineerd met het initiatief van minister Kamp blijf ik gewoon blij.

Mr. Patricia Hoogstraaten RAE
directeur