Algemene informatie Arbocatalogus

Voor wie

Deze arbocatalogus geldt voor alle werkgevers en werknemers in de gemengde branche en speelgoedbranche, ongeacht of zij aangesloten zijn bij Vakcentrum.

Onder “gemengde branche en speelgoedbranche” wordt verstaan de detailhandel in:

  • huishoudelijke artikelen
  • glas, porselein en aardewerk
  • luxe, cadeau en trendartikelen, woonaccessoires, koffie & thee in combinatie met accessoires en foodartikelen in geschenkverpakking 
  • souvenirs
  • speelgoed
  • feest- en/of hobbyartikelen
  • kaarsen, (wens)kaarten of posters en lijsten
  • kunstvoorwerpen (voorzover het niet de verkoop van unieke exemplaren betreft)

Wat

De arbocatalogus biedt praktische en concrete arboregels specifiek voor de gemengde branche en speelgoedbranche.

De overheid stelt in de arbowet- en -regelgeving zogenaamde doelvoorschriften vast. Hierin geeft zij het beschermings- en veiligheidsniveau aan dat bedrijven moeten bieden aan werknemers, zodat zij veilig en gezond werken. In een arbocatalogus worden deze voorschriften concreet uitgewerkt voor een branche. De Inspectie SZW controleert of een bedrijf de gestelde doelvoorschriften nakomt. Wie zich aan de arbocatalogus houdt, voldoet daarmee aan de arbowetgeving. Wie afwijkt van de arbocatalogus moet aantonen dat hij voldoet aan het wettelijk vereiste beschermings- en veiligheidniveau.

Waarom

De branche bepaalt met de arbocatalogus zelf hoe zij in de praktijk handen en voeten geeft aan de arbowetgeving.

Als een branche een arbocatalogus opstelt, worden de beleidsregels van de overheid ingetrokken. Deze beleidsregels zijn algemeen en niet op een bepaalde branche toegesneden. De maatregelen in een arbocatalogus zijn juist opgesteld voor risico’s die in een branche voorkomen. Het is dus makkelijker voor een werkgever om zich aan een arbocatalogus te houden. Stelt een branche geen arbocatalogus op, dan krijgen de werkgevers bovendien een strengere controle van de Inspectie SZW.

Onderwerpen

Deze arbocatalogus behandelt de onderwerpen fysieke belasting en agressie en geweld. 

Fysieke belasting is beperkt tot:

  • tillen en dragen;
  • duwen en trekken (bijv. van rolcontainers en palletwagens);
  • staan;
  • de ergonomische inrichting van de werkplek.

Bij agressie en geweld onderscheiden we drie categorieën:

  • ongewenst gedrag: treiteren, pesten, negeren, uitschelden, beledigen, spullen vernielen of stelen, discrimineren en seksuele intimidatie.
  • bedreiging: bedreiging met geweld, dreiging je iets aan te doen (verbale dreiging).
  • fysiek geweld: slaan, spugen, schoppen, vastpakken, bijten, duwen, stompen, bekogelen met voorwerpen.

Deze arbocatalogus besteedt geen aandacht aan andere aspecten van psychosociale arbeidsbelasting, zoals werkdruk.

De aanpak van risico’s

In deze arbocatalogus wordt beschreven hoe in de gemengde branche en speelgoedbranche arbeidsrisico’s zo veel als mogelijk worden voorkomen en – als dit redelijkerwijs niet mogelijk is – kunnen worden beperkt.
Daarbij wordt in zijn algemeenheid de volgende systematiek gevolgd, die ook van belang is bij het aanpakken van risico’s in bedrijven:

Het risico aanpakken bij de bron

Eerst wordt geprobeerd het risico bij de bron aan te pakken door het risico zoveel mogelijk weg te nemen (bijv. door het maken van afspraken met leveranciers). Vervolgens wordt bezien hoe door de inrichting van de werkplek risico’s kunnen worden verminderd (bijv. door het goed inrichten van winkel en magazijn). ­ Daarna wordt bekeken hoe hulpmiddelen het risico verminderen. Werknemers worden geïnstrueerd over hoe ze veilig en gezond kunnen werken.

Voorlichting is de basis

Goede arbeidsomstandigheden staan of vallen met goede voorlichting aan alle medewerkers en een goede inwerkprocedure voor nieuwe medewerkers. Voorlichting is voor ieder bedrijf onmisbaar.

Realisatie van maatregelen in de praktijk

Alle maatregelen uit deze arbocatalogus kunnen een positieve bijdrage leveren aan het wegnemen of verminderen van arbeidsrisico’s. Echter, niet iedere maatregel is nodig, geschikt of toepasbaar in iedere winkel.

De maatregelen zijn ingedeeld in twee typen: basismaatregelen en optimalisatiemaatregelen

Basismaatregelen zijn maatregelen waarmee een goede basis gelegd wordt voor zo goed mogelijke arbeidsomstandigheden in de winkel, zeker als deze maatregelen in combinatie met elkaar worden genomen. Zij gelden als praktijknorm en worden in principe economisch en praktisch haalbaar geacht voor iedere onderneming binnen de branche. Met deze maatregelen wordt voldaan aan de doelvoorschriften in de Arbowet en het Arbobesluit. De werkgever mag in plaats daarvan andere maatregelen nemen, als deze ten minste een gelijkwaardig beschermingsniveau bieden voor de veiligheid en gezondheid van medewerkers.

Deze maatregelen worden aangeduid met de knop 'Basismaatregelen'.

Dit zijn basismaatregelen. Ze gelden als praktijknorm en worden economisch en praktisch haalbaar geacht binnen de onderneming. Met het uitvoeren van deze maatregelen wordt voldaan aan de wettelijke doelvoorschriften van de Arbowet en het Arbobesluit. Afwijkende maatregelen zijn toegestaan mits deze een gelijkwaardig beschermingsniveau bieden voor veiligheid en gezondheid van medewerkers.

Optimalisatie-maatregelen zijn maatregelen waarmee de arbeidsomstandigheden nog verder kunnen worden verbeterd. Sommige van deze maatregelen vergen een flinke investering en dienen zich daarom aan bij ver- en nieuwbouw en/of bij het vervangen van materieel. 

Deze maatregelen worden aangeduid met de knop 'Optimalisatie-maatregelen'.

Dit zijn optimalisatiemaatregelen. Deze maatregelen kunnen de arbeids-omstandigheden nog verder verbeteren maar zijn niet direct verplicht bijvoorbeeld omdat ze een grote investering vergen. Wel moet ermee rekening worden gehouden bij verbouwingen en/of nieuwbouw danwel bij het vervangen van materiaal.

Doelvoorschriften fysieke belasting

Ten aanzien van het arborisico fysieke belasting is aan de volgende doelvoorschriften uit het Arbobesluit invulling gegeven:

Voorkomen gevaren (artikel 5.2.)
De arbeid wordt zodanig georganiseerd, de arbeidsplaats wordt zodanig ingericht, een zodanige productie en werkmethode wordt toegepast of zodanige hulpmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen, worden gebruikt, dat de fysieke belasting geen gevaren met zich kan brengen voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemer.

Beperken gevaren en risico-inventarisatie en -evaluatie (artikel 5.3)
Voor zover de gevaren, bedoeld in artikel 5.2, redelijkerwijs niet kunnen worden voorkomen: 

a. wordt met inachtneming van bijlage I bij de richtlijn, de arbeid zodanig georganiseerd, de arbeidsplaats zodanig ingericht, een zodanige productie- en werkmethode toegepast of worden zodanige hulpmiddelen en persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt dat die gevaren zoveel als redelijkerwijs mogelijk is worden beperkt; 

b. worden in de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, met inachtneming van bijlage I bij de richtlijn*, de veiligheids- en gezondheidsaspecten van de fysieke belasting beoordeeld, waarbij vooral wordt gelet op de kenmerken van de last, de vereiste lichamelijke inspanning, de kenmerken van de werkomgeving en de eisen van de taak.

Ergonomische inrichting werkplekken (artikel 5.4.)
Tenzij dit redelijkerwijs niet kan worden gevergd worden werkplekken ingericht volgens de ergonomische beginselen.

Voorlichting (artikel 5.5.)

  1. Aan werknemers die arbeid verrichten waarbij sprake is van het handmatig hanteren van lasten wordt met inachtneming van de bijlagen I en II bij de richtlijn* doeltreffende voorlichting en doeltreffend onderricht gegeven over:
    a. de wijze waarop lasten gehanteerd worden;
    b. de aan het handmatig hanteren van lasten verbonden gevaren voor hun veiligheid en gezondheid en de te nemen maatregelen om deze gevaren zo veel mogelijk te beperken.
     
  2. Aan de betrokken werknemers wordt adequate informatie verstrekt over het gewicht van de te hanteren last en, wanneer het gewicht van de last niet gelijk verdeeld is, over het zwaartepunt of de zwaarste kant van die last.

Doelvoorschriften agressie en geweld

Ten aanzien van het arborisico agressie en geweld is aan de volgende doelvoorschriften uit de Arbowet en het Arbobesluit invulling gegeven:

Algemeen (Arbowet artikel 3.2)
De werkgever voert, binnen het algemeen arbeidsomstandighedenbeleid, een beleid gericht op voorkoming en indien dat niet mogelijk is beperking van psychosociale arbeidsbelasting.

Maatregelen ter voorkoming of beperking van psychosociale arbeidsbelasting (artikel 2.15 Arbobesluit)

  1. Indien werknemers worden of kunnen worden blootgesteld aan psychosociale arbeidsbelasting worden in het kader van de risico-inventarisatie en -evaluatie, bedoeld in artikel 5 van de wet, de risico’s ten aanzien van psychosociale arbeidsbelasting beoordeeld en worden in het plan van aanpak, bedoeld in artikel 5 van de wet, met inachtneming van de stand van de wetenschap maatregelen vastgesteld en uitgevoerd om psychosociale arbeidsbelasting te voorkomen of indien dat niet mogelijk is te beperken.
     
  2. Aan werknemers die arbeid verrichten waarbij gevaar bestaat voor blootstelling aan psychosociale belasting wordt voorlichting en onderricht gegeven over de risico’s voor psychosociale arbeidsbelasting alsmede over de maatregelen die er op zijn gericht die belasting te voorkomen of te beperken.